Publicaties

Leven met narcolepsie Datum: 14-07-2009

Geschreven door Laura Kraeger     
Bij narcolepsie denk je al snel aan mensen die te pas en te onpas in slaap vallen. Jeannette de Boer (34) hééft de ziekte, maar zij slaapt juist geen nacht door. Ze staat dan maar op om het huishouden te doen. Hoe is dat, om te leven met narcolepsie?
Bron: Flair, week 9 Auteur: Laura Kraeger.
Roland lijdt aan narcolepsie Datum: 14-07-2009

Het begon met een onschuldige val van de fiets. Maar Roland viel steeds vaker zomaar neer en had extreem veel slaap nodig. Hij bleek aan narcolepsie te lijden. De aandoening veranderde zijn leven ingrijpend.
Bron: YES 51, 12 dec 2007
Onderzoekers hebben een nieuw slaapmiddel ontwikkeld door goed te kijken naar mensen met narcolepsie: deze patiënten vallen te pas en te onpas in slaap.
Wie aan narcolepsie lijdt, wordt overdag om de haverklap getroffen door acute, onbedwingbare slaapaanvallen. Die aanvallen blijven maar komen, ook als de patiënt 's nachts voldoende slaapt. Nederland telt zo'n 7.000 patiënten.
Bron: Trouw, 30 januari 2007
Een speciaal pak dat de lichaamstemperatuur regelt, helpt patiënten met de slaapziekte narcolepsie op de juiste momenten in slaap te vallen. Dat meldt Rolf Fronczek, onderzoeker bij het Nederlands Instituut voor Neurowetenschap van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) in Amsterdam.
Bron: NOVUM/ANP 15-11-2006
Als een blok... Datum: 14-09-2006

DE PATIENT
“Bij het zwemmen zakte ik ineens naar de bodem”
Naam: Jeroen Vermeulen (33)
Beroep: zelfstandig ondernemer
Heeft narcolepsie sinds: 1992

"Op een dag ging ik naar college. Plotseling werd ik zó moe: ik kon mijn ogen niet meer openhouden. Lag ik daar in de collegebanken te maffen tussen mijn medestudenten. Te veel gefeest, dacht ik eerst. Maar de slaapaanvallen bleven komen. Zelfs als ik op rijd naar bed ging en me helemaal uitgerust voelde, lukte het me niet om de volgende dag wakker te blijven. De slaperigheid werd steeds erger. Ik kon er geen weerstand aan bieden, wat ik ook probeerde. Eraan toegeven was het enige wat hielp. Als ik weer dreigde weg te dommelen in de collegezaal, vluchtte ik van ellende naar de wc. Ging ik daar een kwartier zitten pitten. Dan was het ook over, tenminste voor zolang het duurde.
Bron: Panorama 57, september 2006